Die VOC mentaliteit!

Door Reveller op woensdag 19 mei 2010 12:27 - Reacties (24)
Categorie: economie, Views: 3.503

Na een kleine opleving op dinsdag, dalen de Europese beurzen vandaag weer met bijna 3% (11:45). De belangrijkste reden hiervoor is het verbod van de Duitse beurstoezichthouder op 'naked short selling' in Europese staatsleningen en in aandelen van tien grote Duitse financiŽle instellingen. Hetzelfde deed Wouter Bos in 2008; het was het einde van een stukje Nederlandse koopmansgeest :)

In het stukje van vandaag een korte uitleg over de door Balkenende geprezen 'VOC mentaliteit'. Dezelfde mentaliteit die Nederland (los van het ethisch vraagstuk), rijkdom bracht (al ware het voor een selecte groep), heeft ook tot haar eigen ondergang geleid.

Toen de VOC in 1602 werd opgericht, kreeg zij van de staat voor de duur van 21 jaar een monopolie op handel met "De Oost". Omdat deze expedities grote investeringen vereisten, was de VOC het eerste bedrijf ter wereld dat aandelen uitgaf die publiekelijk verhandelbaar waren. De Amsterdamse beurs was daarmee ook de eerste aandelenbeurs ter wereld.

De koopman Isaac le Maire kocht voor 85,000 gulden aandelen. Zeven jaar later, in 1609 was hij echter ontevreden over het regenteske gedrag van de VOC directie. Zo weigerde deze dividend (uitdelen van winst onder aandeelhouders) uit te keren en financiele verslaglegging te plegen.

Le Maire besloot zijn aandelen te verkopen. Maar hij deed meer dan dat: hij verkocht meer aandelen dan dat hij in bezit had. Hij verkocht de aandelen, en sprak af deze op een latere datum te leveren. Le Maire speculeerde dat VOC aandelen door genoemde mentaliteit en toenemende concurrentie vanuit bv. Engeland en Spanje, flink in waarde zouden dalen. Op het moment van dalen, zou hij de aandelen opkopen en tegen de hogere prijs waarvoor hij ze eerder had verkocht, leveren. Deze manier van handelen staat nu bekend als 'naked short selling'.

'Short selling' betekent dat je speculeert op een daling van (bijvoorbeeld) een aandeel. Stel dat een aandeel op 10 euro staat, maar je verwacht dat hij een maand later gedaald zal zijn naar 7 euro:
  • Dan bel je je broker, die (bijvoorbeeld) 100 aandelen leent en ze in jouw naam verkoopt voor 100 x 10 = 1.000 euro. Dit geld wordt gestort op de rekening (margin acount) bij je broker
  • Je spreekt van tevoren af op welke datum je die geleende aandelen, zult teruggeven, bijvoorbeeld 1 juni
  • Als op 1 juni het aandeel gedaald is naar 7 euro, koop je 100 aandelen voor 7 euro op de markt en lever je ze aan je broker. Die stuurt die aandelen dan weer door naar de persoon waar je ze van geleend had. Je winst is 1.000 - 700 = 300 euro.
  • Aan de andere kant, als het aandeel op 1 juni 12 euro waard blijkt, moet je 100 x 12 = 1.200 euro betalen voor die aandelen. Je verlies is 1.200 - 1.000 = 200 euro.
  • Short selling is dus alleen voor mensen met diepe zakken: de winsten maar ook de verliezen kunnen enorm zijn.
Bij 'naked short selling doe je hetzelfde, alleen leen je de aandelen niet.
  • Je spreekt op af op 1 juni iemand 100 aandelen te verkopen voor 9 euro per stuk. Let op: je gaat er vanuit dat het aandeel van 10 euro nu, straks maar 7 euro waard is.
  • In theorie win je dus (9 - 7) x 100 = 200 euro als je op 1 juni voor 7 euro de aandelen kunt kopen en ze snel voor 9 euro kunt doorverkopen.
  • Fout gaat het, wanneer het aandeel op 1 juni op bijvoorbeeld 15 euro staat. Je moet nu 100 aandelen leveren, maar die heb je niet. Je transactie is niet gedekt en misschien ben je niet in staat iemand te vinden die ze je wilt verkopen (ook niet voor 15 euro of meer!). Het resultaat is een disruptie van de beurs.
In 'normale' tijden kan deze praktijk weinig kwaad, maar in zenuwachtige tijden als nu is dit extreem speculatieve gedrag ongewenst. Normaal gesproken is een 'naked short sell' altijd wel te dekken op moment van levering. Maar in tijden waarin niemand weer waar de beurs zich heen beweegt, heb je de extra volatiliteit (koersschommelingen) die dit gedrag met zich meeneemt, even niet nodig.

Dat betekent wel, dat een aantal grote instelling (die met 'naked short sellen' flinke winsten boeken), wat boos zijn. Europese beleggers reageren zenuwachtig, want als deze grote jongens zouden besluiten te cashen en delen van hun vermogen elders te gaan beleggen (in USA bijvoorbeeld waar naked short gaan vooralsnog niet verboden is), zouden de koersen van veel bedrijven zomaar flink kunnen dalen. Daarop vooruitlopend worden er meer aandelen dan normaal verkocht, wat tot de koersdaling van vandaag leidt. De euro zakt evenredig mee: met 1,21 tegenover de Dollar is het de laagste koers in 4 jaar.

Wat wij nodig hebben? In ieder geval geen VOC mentaliteit :)

De Europese puinhopen

Door Reveller op vrijdag 14 mei 2010 12:03 - Reacties (16)
Categorie: economie, Views: 3.142

De kogel is al enige dagen door de kerk: Nederland draagt 5 miljard bij aan het hulpplan voor Griekenland. Daar bovenop investeren 'we' ongeveer 24 miljard in het steunfonds van 750 miljard voor noodlijdende economien in de EU.

Afgelopen dinsdag echter, liet Nout Wellink (voorzitter DNB) al weten "dat 750 miljard niet genoeg is om de euro structureel te redden". Toen deze opmerking weerklank vond bij andere EU kopstukken, trapten de linkse partijen in Duitsland op de rem. Hiermee is dat het eerste EU land waar openlijk gediscussieerd wordt over het Project Europa en of het niet beter is om Griekenland "gewoon" failliet te laten gaan of te dwingen uit de euro te stappen.

In politieke kringen in Nederland wordt deze discussie voorlopig niet overgenomen. En het is begrijpelijk waarom. De Nederlandse overheid en banken- en dus ook u - hebben namelijk flink geinvesteerd in de zogenaamde PIIGS landen: 12 mrd in Portugal, 68 mrd in Italie, 30 mrd in Ierland, 11 mrd in Griekenland en als klapper 120 mrd in Spanje.

Kort-door-de-bocht betekent dat het volgende: als deze landen (en dan voornamelijk Italie en Spanje) failliet gaan, sleuren ze Nederland in hun val mee. Het is 'ons' er dus alles aan gelegen om te zorgen dat de Griekse veenbrand niet overslaat op deze andere landen. Vandaar 'onze' enthousiaste deelname aan genoemd fonds.

En over dat fonds valt ook nog het nodige te zeggen. Eigenlijk komt het hier op neer: de schuldpositie van PIIGS-landen is zodanig, dat zij niet of nauwelijks nog geld kunnen lenen op de kapitaalmarkt. Het risico dat de uitlener zijn geld niet terug krijg is immers te groot. Het trachrecord van bijvoorbeeld Nederland is een stuk beter, dus feitelijk lenen 'wij' voor deze andere landen. Nederland leent 5 mrd tegen 2,5% en leent deze weer uit aan Griekenland tegen 6%. Het verschil, 3,5% punt, steken wij in 'onze' zak. Tenminste, als er ooit terugbetaald wordt. Daarover bestaan, onder andere bij de Deutsche Bank, flinke twijfels. Een korte inzage volgt hieronder.

Dit weekeinde maakte de Europarlementarier Daniel Cohn-Bendit het eens even duidelijk: Griekenland heeft op 11 miljoen inwoners een leger van 100.000 manschappen. Ter vergelijking: Duitsland heeft heeft met bijna 85 miljoen inwoners, 200.000 manschappen. Griekenland heeft zo'n belachelijk groot leger te onderhouden vanwege het Turkse-Griekse conflict op Cyprus. West-Europese landen, waaronder Frankrijk en Duitsland, verkopen jaarlijks voor miljarden euro's legermaterieel aan Griekenland. In plaats dat als voorwaarde voor de leningen een einde van dit conflict wordt geeist, zien modale Griekse burgers grote belastingverhogingen en overheidsbezuinigingen tegemoet. De bezuinigingen die worden opgelegd zijn zelfs voor Nederland - een groter en rijker land - niet te vervolbrengen.

Terug naar het probleem: 750 miljard is niet genoeg, maar Duitsland discussieert of zij wel nog meer wil bijdragen. En ook in andere landen is de koek op een gegeven moment op; hulpfondsgelden moeten zoals gezegd worden geleend op de kapitaalmarkt, en dat verzwakt de economische positie van de rijkere landen ook. De enige oplossing voor het dilemma is door enkele Euro-parlementariers voorgesteld (maar vooralsnog door Duitsland tegengehouden): de geldpers aanzetten. Euro's bijdrukken zodat de ECB daarmee de staatsobligaties (schuldpapieren van staatsschulden) kunnen worden opgekocht.

Maar iedereen weet: als het aanbod van iets toeneemt, daalt de prijs. De euro zal hierdoor minder waard worden, waardoor importeren duurder wordt. Daardoor zullen de prijzen van goederen en diensten in Europa stijgen: inflatie. En van inflatie weet Duitsland genoeg: tijdens de Weimar hyperinflatie betaalde men een paar honderduizen Mark voor een brood. Een meer recent voorbeeld is zimbabwe, waar de prijzen met 100.000% per jaar stijgen.

Al met al: het is een grote puinhoop. 'We' zitten langs alle kanten vast. Ik ben benieuwd wanneer we met cola en chips kunnen kijken naar de parlementaire enquete over 'de val van de euro'. Prettig weekend :)

Griekenland is niet het probleem

Door Reveller op maandag 3 mei 2010 09:01 - Reacties (10)
Categorie: economie, Views: 3.931

Tussen alle verschillende onderwerpen op Tweakblogs, ontbreekt imho een stukje economie. Aangezien ik dat wel interessant vind, hier een eerste post daarover. Eigenlijk moet ik er nog wat in tweaken, maar mijn geduld is op. Die eerste post moet live :) Ik hoop dat het wat toevoegt.

Als divisie van McGraw-Hill, publiceert Standard & Poor's (S&P) financieel onderzoek, waaronder een beoordeling van de kredietwaardigheid van bedrijven en landen op de volgende schaal:
  • AAA: the best quality borrowers, reliable and stable
  • AA: quality borrowers, a bit higher risk than AAA
  • A: economic situation can affect finance
  • BBB: medium class borrowers, which are satisfactory at the moment
  • BB t/m D: non-investment grade (junk bonds)
Op 27 april 2010 verlaagde S&P de creditrating van Griekenland van BBB+ naar BB+. Daarmee was Griekenland het eerste EU lid dat sinds de invoering van de euro in 1999 een 'investment grade' rating verloor. Onderbelicht was echter dat op dezelfde dag ook de creditrating van Portugal van A+ naar A- ging, voornamelijk vanwege het feit dat het financieringstekort (FT1) ruim 9% van het BBP2 bedraagt, terwijl het stabiliteitspact een maximum van 3% definieert. Maar ook Spanje, Ierland (AA), Italie (AA-) en Portugal (A-) hebben een dalende rating. Het aandeel van deze economien in het BBP van de EU is veel groter, en daarmee ook veel duurder om te redden. Een stijgende rente en inflatie ligt op de loer.

Intern bankieren
Onderdeel van de oprichting van de EU was de opzet van een intern bancair systeem, waarbij lidstaten primair elkaar geld lenen. Het voordeel hiervan is dat de rijkdom intern wordt gehouden: de rente die betaald wordt over leningen, blijft in de EU en kan opnieuw worden uitgegeven. De drie grootste economien van de EU, Duitsland, Frankrijk en Engeland3, verzorgen samen ruim 50% van het totale inkomen (BBP) van de EU en zijn dan ook de grootste uitleners aan andere EU landen:

LandTotale schuld (x 1mld)Waarvan geleend bij:SSQ (%)4FT (%)Werkloosheid (%)
DuitslandFrankrijkEngeland
Spanje7591641527953-1119
Ierland5981274113064-1413
Italie96719035353116-58
Portugal19832311777-910

Op dit moment is het bancaire systeem er een oorzaak van dat naast Griekenland, Ierland en Spanje nu ook Frankrijk en Engeland een financieringstekort van meer dan 3% hebben (resp. 7% en 11%). De financiele motoren achter de EU zijn steeds vaker genoodzaakt om leningen buiten de EU aan te gaan, waardoor ook hun kredietwaardigheid in het gedrang komt. Vooral in Engeland maakt men zich zorgen: het verwachte FT voor 2010 is - net als in Griekenland - 13%.

Maar de zwakke economien hebben ook onderling geleend. Zo heeft Portugal een derde van haar schuld, 59 miljard Euro, geleend bij Spanje. Een benodigde 'bailout' van Portugal zal daarom gevolgen kunnen hebben voor de positie van Spanje. Hoewel de SSQ van Spanje met 53% mooi onder de 60%-grens van het stabiliteitspact valt, loopt de staatsschuld snel op sinds de 'bubble' van vakantie-onroerend goed instortte en 1 op de 5 Spanjaarden werkloos is.

Eigen schuld eerst
De roep om financieel protectionisme wordt sinds de presentatie van de rijksbegroting door de minister van financien Alistair Darling op 22 april, steeds harder. Hetzelfde gebeurde in Duitsland, waar politici van de regeringscoalitie zich fel verzetten tegen Duitse steun aan Griekenland. Demissionair minister De Jager heeft het wat dat betreft makkelijker: bij de beslissing dit weekend om het Nederlandse aandeel in de Griekse bailout te verhogen van 1,8 naar 5 mrd, vond zelfs bij de VVD geen tegenwerking. Desalniettemin zorgt de toenemende druk op Europese banken om zich op de thuismarkt te richten voor minder investeringen in opkomende industrien als India, waardoor een mondiaal economisch herstel weer langer op zich zal laten wachten.

Ook landen die nauwelijks een eigen banksector hebben, waaronder veel Oost-Europese landen, voelen de gevolgen. Op de Euronext staan West-Europese bedrijven met Oost-Europese belangen al maanden onder druk. In januari vorig jaar werd het idee voor een EU-hulpfonds van 300 miljard voor Oost-Europa afgeschoten, omdat het uiteindelijk alleen steun vond bij Oostenrijk; toevallig de grootste kredietverstrekker in Oost-Europa in de afgelopen decennia.

Dilemma
Europese landen staan voor een lastige keuze. Enerzijds zorgt protectionisme wellicht voor het omvallen van meer landen dan alleen Griekenland. Anderzijds zorgen 'bailouts' voor oplopende tekorten bij helpende landen. Beide keuzes doen de koers van de Euro dalen, wat weer gevolgen heeft voor de economische groei. "Uit de Euro stappen" heeft imho geen zin - los van het prijskaartje dat eraan hangt - omdat de informele plicht om andere landen te helpen niet minder wordt. Anders zet je jezelf ook buitenspel bij internationale betrekkingen. Zo gaat 60% van de Nederlandse buitenlandse handel met of via Duitsland. Als Nederland uit de EMU zou stappen, om niet aan de besproken bailouts te hoeven meewerken, zou het niet ondenkbaar zijn dat "we" protectionistische maatregelen aan de Nederlands-Duitse grens opgeworpen zien. Wat aan de ene kant wordt bespaard, wordt verloren aan de andere kant.

Onderbuik
Dit alles betekent overigens niet dat het lekker voelt om een land, dat jarenlang een financieel wanbeleid heeft gevoerd en hierover gelogen heeft, nu toe moeten helpen. Vooral niet, als het aandeel in de Europese economie van dat land nog geen 2% is (inclusief toerisme!) :)


1. Begrotingssaldo: inkomsten - uitgaven van de overheid in een jaar. Een negatief saldo wordt een begrotingstekort genoemd. Dit tekort moet geleend worden, bij burgers (Staatsobligaties), banken of andere landen. Een deel van de overheidsuitgaven wordt gebruikt om oude leningen (deels) terug te betalen. Het financieringstekort (FT) wordt berekend als: financieringstekort (FT) - aflossingen staatsschuld. Er geldt dus altijd: FT < BT. In de EU is afgesproken dat het FT niet hoger mag zijn dan 3% van het BBP.
2. BBP: Bruto Binnenlands Product. De totale productie van Nederlandse bedrijven en de overheid. Overheidsproductie wordt gemeten door de ambtenarensalarissen op te tellen. BBP is per definitie gelijk aan het BNI, het Bruto Nationaal Inkomen. Het BBP van Nederland lag in 2009 op 595 mld euro.
3. Hoewel Engeland geen onderdeel uitmaakt van de EMU, is de economische integratie met de EMU landen zodanig, dat Engeland als enige niet-EMU land in dit artikel wordt meegenomen
4. SSQ: staatsschuldquote: de staatsschuld als percentage van het BBP. Mag niet hoger zijn dan 60% volgens het stabiliteitspact. Als SSQ 100% is, betekent dat dus dat de totale schuld van het land gelijk is aan het totale jaarlijkse inkomen van dat land.